09 Mar 2007 01:09 - Australië
Helleu mensen,
Nadat het perzik plukken me echt begon te vervelen heb ik mijn ticket voor de veerboot naar Tasmanie gekocht en ben ik vertrokken richting Melbourne. Maar niet voordat ik op gepaste manier (met een paar biertjes) afscheid heb genomen van mijn buren Alex & Markus, een Duits stelletje.
Eenmaal in Melbourne aangekomen ben ik (meer voor de uitdaging) tijdens het spitsuur door het centrum gereden. Het verwarrende aan de stad is dat er trams door de straten rijden en dat je soms links moet voorsorteren om rechtsaf te kunnen. 's Middags heb ik Simon opgehaald van het station en we zijn samen naar zijn huis in Bacchus Marsh gereden. Ik heb Simon leren kennen tijdens mijn zeiltocht op de Whitsunday Islands in Queensland. Simon deelt een woning met een vriend (die ik niet ontmoet heb omdat ie moest werken) en nadat we gegeten hadden zijn we naar Balarat gereden om een andere vriend van Simon (Watto) op te halen. Samen zijn we op kroegentocht door het centrum van Balarat gegaan. Na een zeer geslaagde avond heb ik bij Simon gelogeerd in een "swag" die we in de studeerkamer uitrolden. Een swag is een soort kruising tussen een slaapzak en een tent. De volgende dag heb ik de Melbourne Cricket Ground bezocht en rustig door de botanische tuin en het War Memorial gewandeld alvorens in te schepen op de "Spirit of Tasmania". Melbourne lijkt het me een gezellige stad en ik heb me dan ook voorgenomen om later eens rustig door het centrum te wandelen.
De reis aan boort van de veerboot duurde 10 uur en de zee was redelijk kalm. Aan boord waren een aantal cafe's en een restaurant, maar ja als echte backpacker had ik natuurlijk een stapel boterhammen bij me. 's Avonds werd er een film vertoond, maar hoe saai deze ook was (Garfield 2), slapen zat er niet echt in. Omdat ik in de goedkoopste klasse reis heb ik aan boord alleen beschikking over een stoel, aangezien dat niet zo lekker ligt ben ik op het bovenste dek op een bankje gaan slapen. Hier bleek het overigens vol te liggen met mensen die hetzelfde probleem hadden :)
Eenmaal in Devonport (Tasmanie) aangekomen ben ik naar de Oostkust gereden waar ik het Freycinet National Park bezocht heb. Hier heb ik een paar uurtjes gewandeld en de middag op het strand doorgebracht met een groepje Duitsers die ik op weg naar het strand heb leren kennen. Omdat het weer 's ochtends niet zo mooi was had ik geen zwembroek bij me, maar bodysurfen in een spijkerbroek kan blijkbaar ook :) Verder heb ik in dit park nog een Tiger snake (soort gifslang) en een paar albatrossen gezien. 's Avonds heb ik overnacht op een kampeerplaats aan het strand en de volgende dag ben ik naar de Tasman Peninsula (schiereiland) gereden. Ook hier heb ik genoten van het landschap en de oude gebouwen in Port Arthur om vervolgens door te rijden naar Hobart. Deze stad viel me op zich een beetje tegen, al was de botanische tuin erg mooi en de haven erg sfeervol.
Na een overnachting in een klein dorpje ten noordwesten van Hobart ben ik naar het Cradle Mountain Lake St.Clair National Park gereden. Het weer was ondertussen omgeslagen en het regende de hele dag. Toch heb ik een wandeling van ongeveer 5 uur door het bos en langs het meer gemaakt. Toen ik terug kwam in het Visitor Centre leerde ik Ben (weer een Duitser :) ) kennen. Hij had net "The Overland Track" (5-8 daagse 80km trektocht) gelopen en was op zoek naar een lift terug naar Cradle Mountain in het noordelijke deel van het park. Na een kop koffie zijn we samen naar Cradle Mountain gereden waar ik net voordat we aankwamen moest uitwijken voor een kangeroe die ineens de weg op sprong. We hebben op de parkeerplaats van het visitor centre gegeten en 's avonds hebben we in Ben's auto (die stond dus al 8 dagen op de parkeerplaats) een kleine safari gereden. Ik heb ook eindelijk mijn eerste wombat in het wild gezien :)
De volgende dag zijn we vroeg opgestaan en konden we tot mijn verbazing het ijs van de ruiten krabben. Gelukkig heb ik een dikke deken in de auto... Na het ontbijt zijn we naar Dove Lake gereden om vervolgens naar de top van Cradle Mountain te lopen/klimmen. Dit bleek best een zware klim te zijn, het laatste deel van de route moesten we op handen en voeten over grote rotsblokken klauteren, maar eenmaal boven (1545m) was het uitzicht echt onvergetelijk! Het weer was weer omgeslagen en het is de hele tocht zonnig en vrijwel windstil geweest.
Op weg naar de top ontmoetten we Jasmina (ook weer een Duitse....) en we hebben samen de rest van de klim afgelegd. Op weg terug naar de auto hebben we nog twee meren bezocht en trapte ik bijna op een white lipped whipsnake (kleine gifslang). Na ongeveer 8 uur kwamen we terug bij de auto en de rest van de dag hebben we dan ook niet veel bijzonders meer gedaan.
De volgende dag zijn we (Ben en ik) vetrokken naar Mole Creek Karst National Park waar we een grot bezocht hebben. In deze grot leefde een grote groep gloeiwormen en dit was echt een prachtig gezicht. Hierna hebben we muurschilderingen bekeken in Sheffield om tenslotte door te rijden naar Devonport waar we 's avonds gekeken hebben naar de pinguins die iedere avond het strand op waggelen om hun jongen te voeren.
Donderdag zat het er alweer op, om 8 uur 's avonds vaarde de boot terug naar Melbourne. Maar voordat ik vertrok heb ik samen met Ben een art gallery bezocht en ben ik naar het Tiagarra Aboriginal Cultural Centre geweest. De originele (Aboriginal) bewoners van Tasmanie zijn vrijwel geheel verdwenen (uitgeroeid) toen de blanke kolonisten zich vestigden in Tasmanie...
Tja...en nu ben ik weer terug in Melbourne en het is hoog tijd voor de rustige stadswandeling die ik mezelf beloofd heb dus tot later allemaal!
G'day and no worries,
Bart
P.S. Foto's volgen iets later, ik was zo stom om het kabeltje voor de camera in de auto te laten...